Handjes bah! 

Ze hadden een gesuikerde wafel gegeten. Max (2 jaar) en opa. Ze hadden er van gesmuld. Toen alles op was, gebaarde Max met zijn handjes in de lucht dat die vies waren. Opa demonstreerde vervolgens met zijn handen dat je dat prima aan je trui zou kunnen afvegen, onder het mom van; ‘Mams wast het er wel weer uit’. 

Max keek vervolgens naar zijn eigen (nog schone) trui, liep naar opa toe en veegde pontificaal zijn handen aan opa’s trui af. 

Precies zoals opa voor gedaan had 😉. 

Slimmerd! 


© Eveline – Januari 2017 

Dagje Gekte, uuuuh, Gent.

Even serieus. Ik heb volgens mij nog nooit zo’n absurdistische dag meegemaakt als afgelopen maandag. De dag dat ik met twee van mijn kinderen op controle moest in het Universitair Ziekenhuis (UZ) in Gent. De oudste (die niet mee hoefde) op school afgezet en met de twee jongste de auto in, on our way to Belgium. Gelukkig had mijn vader de gelegenheid mee te gaan. Dat is toch wel iets handiger als je met twee jonge telgen op verschillende tijdstippen, op diverse controles, onderzoeken & prikken moet: dat er dan iemand bij het andere kind is 😀 (manlief moest werken namelijk).

Enfin, ondanks dat ik de route naar Gent TECHNISCH GEZIEN DAN als de binnenkant van mijn broek zou moeten kennen, stelde ik IN DE PRAKTIJK GEZIEN toch voor de zekerheid mijn Tom Tom maar in. Dat wil zeggen: mijn iPhone navigatie. Ja. Betrouwbaar.

Oké, off we went. Alles ging uitstekend, tót we “UZ GENT” in beeld zagen. En niet eens op een bordje, maar daadwerkelijk vóór ons. In ons gezichtsveld. Het gebouw met daarboven pronkend: UZ GENT.

“Yeah”, klok het door de auto, “We hebben het weer gered”.

De navigatie liet ons weten:

“Neem hier de afslag!”.

Prima, dat deden we. En we bogen zo af naar…. nou ja, ik vermoed richting Warschau, want naar het UZ Gent gingen we in ieder geval niet meer. Wel potverdorie! We hadden het ziekenhuis in het vizier en nota bene gaf de Tom-Tom het ook al aan. WHAT THE ****? Nou ja, en dan rijd je dus ineens midden in Gent. En de navigatie van mijn telefoon liep vervolgens vast, want mijn roaming stond uit en dus kon ‘tie alleen de route weergeven die ik vanuit Nederland had ingevuld. That was it! En voor werkende roaming moet ik bij T-mobile eerst een buitenlandpas aanschaffen en daar heb je sms voor nodig. En die sms geeft mijn overlijdende iPhone alleen nog maar in witte vlakken weer. Dus. Ja. Rijd je daar, in Gent. Totally lost! En mijn vader was louter behulpzame quotes aan het citeren als:

“Nou uuuuh, hadden we al een klote dag gehad!”(~Bert Visscher) 

Plots besefte ik dat de wérkelijke Tom-Tom in het dashboard kastje lag. YES! Plug it in! En dat deden we. We plugden hem in en toetsten UZ Gent in. Wonder boven wonder kwamen we in eens weer op de goede (LEES: DEZELFDE ALS ZOJUIST) snelweg terecht. EN JAWEL… daar zagen we na lang ploeteren, wederom herrijzen vanuit de horizon: UZ GENT. Jippie! Getting there! Ondertussen waren we aan het juichen met z’n vieren en hard aan het klappen en lachen. We “popten” nog net geen champagne. Dat moment was mooi, hou dat vast!

Vervolgens zegt de Tom-Tom dus:

“Neem hier de afslag!”.

Whoooohoooo, yeah…. doen we! Doen we! Doen we! Doen…. well son of a ****! Zelfde afslag als zojuist. Wéér niet goed! Wéér dag, UZ Gent, in mijn achteruitkijkspiegel. Voor de tweede keer. Tot sinas maar weer.

Echt, een normaal mens zou witheet pissig zijn, maar mijn vader en ik kwamen werkelijk NIET meer bij. Echt, ik heb moeten happen naar adem. Weer verkeerd. En ik ben al 320 miljoen keer zonder enige problemen naar UZ Gent gereden, zónder navigatie nota bene. Gebruik je uit enige onzekerheid toch de navigatie… rijd je tot twee keer toe verkeerd! Zwaaiend naar het UZ Gent.

En weer zaten we hartje Gent. Ook goeiemorgen. Ik zweer dat Gentse inwoners ons al begonnen te herkennen. We stelden vast dat we inmiddels zo bekend waren met én in Gent, dat het tijd werd om burgerschap aan te vragen en Belgische belasting te gaan betalen.

Uit wanhoop vervolgens de stekker uit alle vorm van navigatie getrokken en we besloten op eigen wilskracht en inzicht bij het UZ Gent te komen. Nou, ging best goed hoor; 3,5 dag later kwamen we aan. Eindelijk de góede afslag en eindelijk parkeerden we bij…. jawel:

Het UZ te Gent.

Jolly!

Het ene kind was ’s morgens aan de beurt, het andere kind ’s middags. Het is weer eens wat anders hè; ruimschoots 5 uur in een ziekenhuis rond te banjeren. Tussen de middag besloten we een hapje te gaan eten in het bijbehorende restaurant. We stonden met ons dienblaadje netjes in de rij te wachten en zagen allerlei lekkernijen klaargemaakt worden; van vlees tot kip, van frietjes tot aan rijst en ga zo nog maar even door. YUM! Mijn vader was van ons als eerste aan de beurt en kreeg een bord vol voer in z’n handen gedrukt. Hij had nog geen woord kunnen zeggen en het enige wat hij vervolgens nog net wél uit kon piepen was:

“Ik hoef geen groente!”.

De man achter de eet-toonbank griste het bord uit zijn handen en duwde het in die van mij.

“Zo, dan geef ik het aan jou, smakelijk eten hè!”.

Met opgetrokken wenkbrauwen en enige (oprechte!) angst voor de betreffende ober pakte ik het bord vol onbekend eten aan.

En mijn vader kreeg de versie zonder groente. Wat het dan verder precies was, weten we tot op de dag vandaag nog altijd niet.

Terwijl we bij de kassa stonden te wachten, keken we elkaar beduusd aan. What exactally just happend? Zonder enige bestelling dan ook, voer in je handen geduwd krijgen. Maarrrrr… eentje wel, zónder groente. Dus we hadden nog wel íets aan zeggenschap gehad ;-). Het bleek uiteindelijk een heerlijk bord eten te zijn overigens, maar wat een absurdistische bedoeling.

Bij het terug naar huis rijden, regende het pijpenstelen. Het was net een stukje weg waar je maximaal 70 mocht rijden, maar omdat het zo hard regenden sprongen de borden boven de weg aan. Ja, tuurlijk, bedachten wij ons nog… dat wordt wat afremmen met dit afgrijselijke weder. Maar nee hoor. In België gelden andere regels. Is het slecht weer? Joh, lekker harder gaan rijden! Dat bleek namelijk wel toen “90” op alle digitale borden boven de weg pronkten, en zij versloegen dus de borden náást de weg met “70”.

It is safe to say dat mijn vader en ik (bijna) nog nooit zo hard en zo veel gelachen hebben als ons (bijna gezellig te noemen) dagje UZ, te Gent.

Voilà ma vie! 😀

LifeRainDance

© Eveline – Juni 2016

Me, myself & EYE !!

  
Vriendinnen. Als enig kind beschouw ik (al vanaf jongs af aan) mijn vriendinnen als mijn zussen. Sommige komen en gaan, maar er is een harde kern die komt, plakt en blijft 😃. Heerlijk! Wat geniet ik van die clubjes =). 

Ons vriendinnengroepje hier in de stad telt 5 dames, myself included. Lief en leed delen en we zijn er voor elkaar. Voor de lach en de traan. Voor de noodzaak en de niks. Voor de zomaar, voor de must. Gewoon; we zijn er. 

Eén van ons had nog een “Verjaardags High Tea” tegoed en gisteren was het zover; we overvielen haar thuis en namen haar mee, naar een schitterende locatie bovenaan de zeedijk. 

Daar schoven we aan, bij een tafeltje aan het raam. En iedereen die daar gelijk met ons was, heeft geweten dat we er waren. Amai, ons excuses 😂. Van Backstreet Boys-verhalen (vooral die 😉), tot aan Modern Family en van babypoep tot aan mannenhumor. Maar er waren ook serieuze gesprekken. Echt! Die weer opgevolgd werden door Friends-quotes. Toen 1 van ons het noodzakelijk vond om de serveerster af te schrikken door te zeggen “Jij hebt sex met ezels!” (Gunther~ Friends), wisten we; er wordt in onze koffie geniest zo 😉. Maar ach… dat “dronk” niet echt tot ons door. Het gaf ook niet, want we waren te druk met naar adem happen van het lachen. 

Zo gaan die vriendinnen middagen bij ons. Dit is meer regel dan uitzondering 😉. 

Na de High Tea stonden we buiten nog even boven aan de dijk te keuvelen en we vonden eigenlijk wel dat dit moment nog eens extra bezegeld moest worden. We vroegen een vrouwelijke passant of ze een fotootje van ons kon maken. 

Ja. 

Toen kwam het. 

De twintig minuten die volgden zijn voor ons allen in een soort waas voorbij gegaan. 

Die mevrouw pakte de mobiel aan. En wij gingen met z’n 5jes omarmd naast elkaar staan. Heel knus. De mevrouw in kwestie bracht de mobiel (verkeerd om ook nog eens!) naar haar oog. Uiteraard zag ze niks. Wij daarentegen wel. Wij stonden naar een loeigroot “koeienoog” te kijken op het scherm wat naar ons gericht was. Onze herhaaldelijke opmerkingen over dat het geen fototoestel maar een mobiel was, leek deze mevrouw niet te horen. Ze deed angstvallige pogingen scherper beeld te krijgen door de mobiel van en naar haar oog te brengen. 

En dat zagen wij dus; 

Groot oog, kleiner oog. Groot oog, kleiner oog.

“Mevrouw, het is een mobiel, dat werkt zo niet!”. 

Groot oog. Kleiner oog. 

De vriendin van wie de mobiel was, was inmiddels in een soort lach-coma gevallen. We hoorden haar piepend kleine teugjes lucht inademen en wisten dat als dit nog veel langer zou duren, we 1-1-2 zouden moeten bellen. 

Groot oog, kleiner oog. Groot oog, kleiner oog. 

MEVROUW!!!!!“, riep ik met verheven stem dit keer. 

“U moet ‘m andersom houden, dan heeft u gewoon beeld, probeer maar eens!”. 

Dit deed ze. Maar in plaats van de mobiel van voor naar achter om te draaien, draaide ze ‘m van boven maar beneden om. En toen stonden we tegen d’r keel aan te kijken. 

Onze vriendin was inmiddels buiten westen van het lachen. Die moest eerst gereanimeerd worden, alvorens verder te kunnen gaan. 

Na twintig minuten zag die mevrouw het licht. Van de flits in d’r oog wel te verstaan! 🙈 We lieten het moment dan ook maar passeren. We dankten de mevrouw in kwestie hartelijk (want per slot van rekening was ze wel zo vriendelijk genoeg om het te proberen) en we liepen snel maar door. 

In de auto hebben we tien minuten onafgebroken zitten schateren van het lachen. Om een oog. Om helemaal niks 😄. 

Me, myself and… EYE !!!! 

Wat zijn we toch gezegend met elkaar =). Dank jullie wel, voor weer een heerlijke middag !! 

 
© Eveline – Juli 2015